Pseudo-eindheffing en de werkgeversheffing hoge lonen zijn twee verschillende fiscale maatregelen. De pseudo-eindheffing is een extra werkgeversheffing over de waarde van een ter beschikking gestelde fossiele auto, terwijl de werkgeversheffing hoge lonen een heffing is die werkgevers betalen over lonen die een bepaalde grens overschrijden. Beide zijn werkgeverslasten die niet op de werknemer verhaald mogen worden, maar ze gelden voor volledig andere situaties en grondslagen. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over beide regelingen.
Wat is het verschil tussen pseudo-eindheffing en werkgeversheffing hoge lonen?
Het kernverschil zit in de aanleiding en de grondslag. De pseudo-eindheffing is een heffing van 12% die werkgevers betalen over de fiscale waarde van een fossiele personenauto die zij aan werknemers ter beschikking stellen voor privégebruik. De werkgeversheffing hoge lonen is een aparte eindheffing die van toepassing is wanneer het loon van een werknemer een wettelijk vastgestelde grens overschrijdt.
Beide regelingen vallen onder de noemer “eindheffing werkgever” in de loonheffing, maar ze raken heel andere situaties. De pseudo-eindheffing richt zich op de auto van de zaak als arbeidsvoorwaarde, en is ingevoerd als fiscale maatregel om het gebruik van fossiele leaseauto’s te ontmoedigen. De werkgeversheffing hoge lonen richt zich op de hoogte van het salaris zelf, los van eventuele secundaire arbeidsvoorwaarden zoals een auto.
Een werkgever kan in theorie met beide heffingen tegelijkertijd te maken krijgen: een goed betaalde werknemer met een fossiele leaseauto kan zowel de pseudo-eindheffing als de heffing hoge lonen triggeren. Het zijn echter twee afzonderlijke berekeningen met elk hun eigen grondslag, tarief en aangifte.
Wanneer is pseudo-eindheffing van toepassing?
De pseudo-eindheffing is van toepassing wanneer een werkgever een fossiele personenauto ter beschikking stelt aan een werknemer en die werknemer de auto ook voor privédoeleinden mag gebruiken, inclusief woon-werkverkeer. De heffing geldt vanaf 1 januari 2027 en is geregeld in artikel 32bc van de Wet op de loonbelasting 1964.
Wanneer geldt de heffing wel?
De pseudo-eindheffing is van toepassing zodra een werknemer een fossiele personenauto ter beschikking heeft en er privégebruik plaatsvindt. Woon-werkverkeer telt daarbij als privégebruik. Zelfs als een werknemer beschikt over een geldige Verklaring geen privégebruik auto, maar toch woon-werkverkeer rijdt, is de heffing verschuldigd. De verklaring biedt dus geen volledige bescherming wanneer er feitelijk woon-werkverkeer plaatsvindt.
Wanneer geldt de heffing niet?
Er zijn situaties waarbij de pseudo-eindheffing buiten beschouwing blijft:
- Volledig elektrische personenauto’s (CO2-uitstoot 0 g/km) vallen buiten de heffing
- Waterstofauto’s zijn eveneens uitgezonderd
- Auto’s die uitsluitend zakelijk worden gebruikt en waarvoor een geldige Verklaring geen privégebruik aanwezig is én waarbij ook geen woon-werkverkeer plaatsvindt
- Bestelwagens en vrachtwagens vallen niet onder de maatregel; het gaat uitsluitend om personenauto’s in de zin van de BPM-wet
- Zelfstandigen (zzp’ers) die winstbelasting betalen via de inkomstenbelasting zijn geen inhoudingsplichtige in de zin van de loonbelasting en vallen daardoor buiten het bereik van deze maatregel
Voor zzp’ers die een auto leasen is de pseudo-eindheffing dus niet relevant, omdat zij geen werkgever zijn in fiscale zin.
Hoe wordt de werkgeversheffing hoge lonen berekend?
De werkgeversheffing hoge lonen wordt berekend over het loonbedrag dat uitkomt boven de wettelijk vastgestelde grens. Het tarief en de exacte grens worden jaarlijks vastgesteld door de wetgever. De heffing is een percentage van het bovenmatige loon en komt volledig voor rekening van de werkgever.
De pseudo-eindheffing kent een andere berekeningsmethode. Het tarief bedraagt 12% van de fiscale waarde van de ter beschikking gestelde fossiele personenauto per jaar. De fiscale waarde wordt als volgt bepaald:
- Voor auto’s van 25 jaar of jonger: de catalogusprijs inclusief BPM, zoals bedoeld in artikel 9 van de Wet BPM 1992
- Voor auto’s ouder dan 25 jaar: de waarde in het economische verkeer (marktwaarde)
Een concreet rekenvoorbeeld maakt dit inzichtelijk. Een benzine- of dieselauto met een catalogusprijs van 30.000 euro leidt tot een pseudo-eindheffing van 12% x 30.000 = 3.600 euro per jaar, ofwel 300 euro per maand. Een hybride auto met een fiscale waarde van 35.000 euro resulteert in 4.200 euro extra belasting per jaar. Dit zijn aanzienlijke bedragen die werkgevers mee moeten nemen in hun wagenbeleid.
Wat betreft de tijdsbepaling: als een fossiele personenauto slechts een deel van een kalendermaand beschikbaar is gesteld voor privégebruik, wordt de auto voor de berekening van de pseudo-eindheffing geacht die gehele kalendermaand beschikbaar te zijn geweest. Een dag in de maand telt dus als een volledige maand.
Wie betaalt de pseudo-eindheffing: werkgever of werknemer?
De pseudo-eindheffing is een zuivere werkgeverslast. Werkgevers mogen de heffing niet rechtstreeks doorberekenen aan de werknemer. Dit geldt ook voor de werkgeversheffing hoge lonen: beide eindheffingen komen volledig voor rekening van de werkgever en mogen niet worden ingehouden op het nettoloon van de werknemer.
Werkgevers kunnen de extra kosten wel indirect verdisconteren in de arbeidsvoorwaarden. Denk daarbij aan het vragen van een hogere eigen bijdrage voor de auto, of het aanpassen van het arbeidsvoorwaardenpakket bij nieuwe contracten. Maar de heffing zelf blijft een werkgeversaangelegenheid.
Werkgevers die de pseudo-eindheffing structureel willen vermijden, hebben een aantal opties:
- Uitsluitend volledig elektrische of waterstofauto’s aanbieden aan werknemers
- Geen auto van de zaak verstrekken en werknemers zakelijke kilometers belastingvrij laten declareren (0,23 euro per kilometer)
- Een mobiliteitsbudget aanbieden, met de kanttekening dat als een werknemer dit budget gebruikt voor een fossiele auto van de zaak, zowel de bijtelling als de pseudo-eindheffing alsnog van toepassing zijn
Voor bedrijven die nadenken over hun wagenbeleid biedt operational lease een flexibele manier om de wagenparksamenstelling aan te passen aan de nieuwe fiscale realiteit.
Hoe geef je pseudo-eindheffing aan in de loonaangifte?
De pseudo-eindheffing wordt aangegeven via de reguliere loonheffingaangifte. Er geldt echter een bijzondere betaaltermijn: de heffing over een bepaald kalenderjaar hoeft pas te worden aangegeven en voldaan bij de aangifte over het tweede tijdvak van het volgende kalenderjaar. Concreet betekent dit dat de pseudo-eindheffing over 2027 pas wordt afgedragen in het tweede tijdvak van 2028.
Dit is een bewuste keuze van de wetgever om werkgevers de ruimte te geven de heffing correct te berekenen over het volledige voorgaande jaar. De uitgestelde betaaltermijn is vastgelegd in artikel 32bc, lid 5, van de Wet op de loonbelasting 1964.
De overgangsregeling: wat moet je weten?
Voor fossiele personenauto’s die de werkgever vóór 1 januari 2027 voor het eerst aan werknemers ter beschikking heeft gesteld, geldt een overgangsregeling op basis van artikel 39j van de Wet LB 1964. Voor deze auto’s is de pseudo-eindheffing tot en met 16 september 2030 niet van toepassing. Dit voorkomt dat lopende leasecontracten direct geconfronteerd worden met de nieuwe heffing.
Wanneer vervalt de overgangsregeling?
De overgangsregeling vervalt direct in een aantal specifieke situaties:
- De auto wisselt van werkgever, bijvoorbeeld doordat een werknemer bij een andere werkgever in dienst treedt en de auto meeneemt. Voor de nieuwe werkgever geldt de heffing direct vanaf 1 januari 2027.
- De auto wordt intern overgedragen tussen afzonderlijke juridische entiteiten met verschillende loonheffingsnummers, ook binnen één holding. In dat geval vervalt de overgangsbescherming per direct.
Interne wisselingen van de auto naar een andere werknemer of vestiging binnen dezelfde juridische entiteit met hetzelfde loonheffingsnummer tasten de overgangsregeling niet aan. Het is dus belangrijk om goed bij te houden welke auto’s onder welk loonheffingsnummer vallen.
Heb je vragen over hoe de nieuwe fiscale regels doorwerken in jouw leasebeleid? Bij ons denken we graag mee over de slimste aanpak voor jouw situatie. Bekijk ons actuele leaseaanbod of gebruik de lease calculator om snel inzicht te krijgen in de kosten van een elektrische leaseauto als alternatief voor een fossiele auto van de zaak.
Deze inhoud is gegenereerd met behulp van AI en kan fouten bevatten.





